Waar veel mensen op hun tachtigste terugkijken op een afgesloten loopbaan, begint Theo de Wit in Eindhoven gewoon aan een nieuwe werkweek. Vier dagen per week staat hij in zijn kapsalon aan de Sint Philomenastraat. Voor een knipbeurt, maar minstens zo vaak voor een gesprek.
Niet iedereen die bij Theo de Wit binnenloopt, komt voor zijn haar. Sommige buurtbewoners steken alleen even hun hoofd om de deur om te vragen hoe het gaat of om een verhaal af te maken.
De kapsalon in de Eindhovense buurt Barrier is daardoor al jarenlang meer dan een plek waar wordt geknipt. Het is een ontmoetingsplek waar voetbal, familie en het leven in de wijk worden besproken.
Theo vierde begin juli zijn tachtigste verjaardag, maar aan stoppen denkt hij niet. Vier dagen per week staat hij nog achter de stoel. Vroeger werkte hij vijfeneenhalve dag, maar inmiddels houdt hij ook de woensdag vrij om samen met zijn vrouw iets gezelligs te doen.
Een familiebedrijf uit 1929
De geschiedenis van de kapsalon begon bij Theo’s vader Wim de Wit. Hij opende in 1929 een kleine zaak aan huis in de Kleine Bleekstraat in Stratum. In 1959 verhuisde het familiebedrijf naar de Sint Philomenastraat.
Theo werkte er aanvankelijk samen met zijn vader en zijn broer Leo. Later stonden de broers ongeveer dertig jaar naast elkaar in de zaak.
Toen Leo vanwege gezondheidsproblemen moest stoppen, zette Theo het bedrijf alleen voort. Hij beseft dat het geluk is dat hij zelf nog zo fit is. Zijn broer moest tijdens het knippen steeds vaker gaan zitten vanwege de pijn.
Klanten voor het leven
Veel klanten komen al tientallen jaren bij de familie De Wit. Sommigen zaten als kind al bij Theo’s vader in de stoel en bleven daarna trouw terugkomen.
Theo heeft klanten zien opgroeien, trouwen en zelf kinderen zien krijgen. De gesprekken en de band met hen zouden hem het meest ontbreken wanneer hij zou stoppen. Dan verdwijnt niet alleen het werk, maar ook een groot deel van zijn dagelijkse sociale leven.
Ondertussen blijft zijn klantenkring groeien. Studenten weten de zaak te vinden en ook steeds meer internationale inwoners van Eindhoven nemen plaats in zijn stoel. Soms hebben zij een briefje bij zich met Nederlandse instructies, bijvoorbeeld dat het haar vooral niet te kort mag worden.
Alles met de schaar
Hoewel de kapsels door de jaren heen veranderden, bleef Theo’s werkwijze grotendeels hetzelfde. Hij knipt vrijwel alles met de schaar. Op de kappersschool waren tondeuses niet toegestaan en de techniek die hij daar meer dan zestig jaar geleden leerde, gebruikt hij nog steeds.
Volgens Theo dragen veel mannen hun haar tegenwoordig korter. Toch kan hij ook moderne modellen met zijn vertrouwde kam en schaar maken.
In 2029 bestaat het familiebedrijf honderd jaar. Theo hoopt dat jubileum vanuit zijn eigen kapsalon mee te maken. Een einddatum heeft hij niet bepaald. Zolang zijn gezondheid het toelaat, de klanten blijven komen en hij plezier houdt in het werk, gaat hij door.
Zo blijft aan de Sint Philomenastraat een stukje traditioneel Eindhoven behouden. De buurt verandert, bewoners komen en gaan, maar in de kapsalon klinkt nog altijd het vertrouwde geluid van Theo’s schaar.