EINDHOVEN – Geen podium, geen theaterstoelen en meestal ook geen aankondiging die van verre zichtbaar is. Wie deze zomer in de Eindhovense binnenstad onverwacht op een optreden stuit, hoeft eigenlijk maar één ding te zoeken: een zwart-wit geblokt kleed. Daar speelt zich De Stad als Podium af, een zomerprogramma waarmee professionele kunstenaars de openbare ruimte overnemen.
Het kleed kan opduiken tussen winkels, op een plein of naast een terras. Het ene moment staat er een danser op, even later een muzikant, spokenwordartiest of beeldend kunstenaar. De binnenstad verandert zo tijdelijk in een verzameling kleine, mobiele podia.
De Stad als Podium is een initiatief van Emoves en Bureau Binnenstad Eindhoven, met ondersteuning van de gemeente Eindhoven. De locaties in de binnenstad wisselen, waardoor bezoekers vooraf niet altijd precies weten waar ze een optreden tegenkomen.
Het idee is eenvoudig: kunst niet alleen presenteren op plekken waar publiek bewust naartoe gaat, maar juist daar waar mensen toch al zijn.
Zwart-wit kleed als herkenningsteken
Daarbij heeft het programma een opvallend herkenningsteken gekregen. De artiesten spelen op of bij een zwart-wit geblokt kleed. Wie zo'n kleed in de binnenstad ziet liggen, weet dat er iets kan gaan gebeuren.
Naast het kleed staat geregeld een geopende koffer. Maar anders dan bij de klassieke straatmuzikant is die niet bedoeld om muntgeld of briefjes in te verzamelen. De boodschap op de koffer maakt dat meteen duidelijk: ‘Don't give money, take a sticker’.
Bezoekers hoeven de artiest dus geen geld toe te stoppen. De deelnemende kunstenaars ontvangen een vergoeding voor hun optreden. Het programma kiest daarmee nadrukkelijk voor het principe dat professioneel kunstenaarschap ook in de openbare ruimte betaald werk is.
Wie blijft kijken, mag juist iets meenemen. Stickers en ansichtkaarten dienen als kleine herinnering aan het optreden en kunnen tegelijkertijd anderen nieuwsgierig maken naar het project.
Het levert een opvallende omkering op van het traditionele beeld van de straatartiest. Geen hoed op de grond waarin na afloop wat kleingeld belandt, maar een maker die voor zijn werk wordt betaald en een publiek dat gratis kan komen kijken.
Publiek zonder kaartje
Dat publiek heeft zich bovendien niet vooraf voor de voorstelling aangemeld. Mensen zijn onderweg naar een winkel, zitten op een terras of lopen toevallig door de stad wanneer een optreden begint.
Voor makers maakt dat de straat wezenlijk anders dan een theater of concertzaal. Daar weet een artiest min of meer wie hij tegenover zich krijgt. Op straat kan iemand vijf seconden blijven staan of twintig minuten. Een kind kan als eerste reageren, waarna een groep winkelende bezoekers aansluit en terrasgasten vanaf een afstand meekijken.
Juist die onvoorspelbaarheid is onderdeel van het concept.
Een plein verandert tijdelijk in een zaal zonder muren. Een winkelstraat wordt een speelvloer en voorbijgangers worden, vaak zonder dat ze daar zelf voor kozen, publiek.
Kunst midden in het dagelijks leven
Emoves richt zich op city- en streetculture en brengt disciplines als dans, muziek, spoken word en beeldende kunst bij elkaar. Bij De Stad als Podium wordt die cultuur bewust uit de gebruikelijke zalen en culturele instellingen gehaald.
Dat maakt de drempel laag. Er hoeft geen kaartje te worden gekocht en niemand hoeft vooraf te weten welke artiest ergens optreedt.
Het past tegelijkertijd in een bredere ontwikkeling van binnensteden. Een stadscentrum is steeds minder uitsluitend een plek om te winkelen. Horeca, evenementen, cultuur en ontmoeting spelen een grotere rol bij de vraag waarom mensen naar een centrum komen en hoe lang ze er blijven.
In Eindhoven wordt deze zomer zichtbaar wat er gebeurt wanneer cultuur letterlijk onderdeel wordt van het dagelijkse stadsleven.
Geen traditionele straatartiest
Het verschil met een spontaan straatoptreden is daarbij belangrijk. De makers binnen De Stad als Podium zijn geprogrammeerd en worden voor hun werk betaald. Daarmee wordt straatcultuur niet alleen als vermaak in de openbare ruimte gepresenteerd, maar als professioneel kunstenaarschap.
Het zwart-witte kleed krijgt daardoor bijna de functie van een mobiel theater.
Het kan worden uitgerold, een optreden kan beginnen en enige tijd later kan alles weer worden ingepakt om elders opnieuw te verschijnen.
Wie het zelf nog wil meemaken, heeft daar tot en met 22 augustus de tijd voor. Op vrijdag duiken de optredens tussen 17.00 en 21.00 uur op verschillende plekken in de binnenstad op; op zaterdag gebeurt dat tussen 13.00 en 16.00 uur.
Wie deze zomer door de Eindhovense binnenstad loopt, hoeft dus niet per se de culturele agenda te bekijken om kunst tegen te komen. Soms is naar de grond kijken voldoende. Ligt daar een zwart-wit geblokt kleed met een koffer ernaast, dan is de kans groot dat de straat binnen enkele ogenblikken een podium wordt.