EINDHOVEN – Geen gelikte producten of snelle oplossingen, maar schimmels, bacteriën, klimaatvraagstukken en toekomstscenario’s. Dutch Design Week kiest dit jaar Emma van der Leest en Anab Jain als Beacons. De Nederlandse biodesigner en de internationaal bekende futurist krijgen daarmee een prominente rol tijdens het negen dagen durende designfestival in Eindhoven.
De keuze voor het tweetal lijkt nauwelijks toevallig. Dutch Design Week zet tijdens de editie van 2026 nadrukkelijk in op ontwerp dat schuurt, onderzoekt en bestaande vanzelfsprekendheden ter discussie stelt. Van der Leest en Jain doen dat ieder vanaf een totaal andere schaal.
Waar Van der Leest zich letterlijk bezighoudt met het vrijwel onzichtbare leven van schimmels, bacteriën, algen en andere organismen, richt Jain zich juist op veel grotere maatschappelijke vraagstukken. Met haar Londense ontwerpstudio Superflux probeert zij mogelijke toekomstige werelden tastbaar te maken, bijvoorbeeld rond klimaatverandering en nieuwe technologie.
Warenhuis vol levend design
Van der Leest krijgt tijdens Dutch Design Week een plek in het Klokgebouw op Strijp-S. Daar presenteert zij The Biodesign Warehouse – Department Store For Life.
Het uitgangspunt is opvallend eenvoudig: bezoekers stappen als het ware een warenhuis binnen, maar treffen daar geen traditionele consumentenproducten aan. In plaats daarvan draait het om materialen en toepassingen die worden gemaakt mét biologische processen en levende organismen.
Daarmee wil de ontwerpster vooral laten zien dat biodesign niet langer uitsluitend thuishoort in experimentele laboratoria. Sommige technieken bewegen langzaam richting toepassingen die uiteindelijk onderdeel kunnen worden van productieprocessen en het dagelijks leven.
Van der Leest werkt al meer dan tien jaar op het snijvlak van wetenschap en ontwerp. Ze stond aan de basis van BlueCity Lab in Rotterdam, waar ontwerpers, onderzoekers en ondernemers experimenteren met onder meer schimmels, bacteriën en biobased materialen. Ook werkt ze aan nieuwe coatings waarbij traditionele grondstoffen zoveel mogelijk worden vervangen door biologische alternatieven.
Juist het opschalen van dergelijke technieken wordt tijdens haar Eindhovense presentatie een belangrijk onderwerp. Want iets in een laboratorium kunnen laten groeien is één ding; er betrouwbaar, veilig en betaalbaar duizenden producten mee kunnen maken is een veel grotere stap.
Geen voorspelling van de toekomst
De benadering van Anab Jain is heel anders. Zij probeert niet zozeer te voorspellen hoe de wereld er over twintig of vijftig jaar uitziet. Haar werk draait om de vraag wat er kán gebeuren en welke keuzes mensen daar vandaag tegenover kunnen zetten.
Jain richtte in 2009 samen met Jon Ardern Superflux op. De ontwerpstudio bouwde internationaal een naam op met speculatief design: mogelijke toekomstige situaties worden niet alleen beschreven, maar bijvoorbeeld als kamer, installatie, film of complete leefomgeving nagebouwd.
Daardoor moet een abstract onderwerp plotseling persoonlijk worden. In plaats van alleen te praten over klimaatverandering, kunstmatige intelligentie of schaarste krijgt een bezoeker bijvoorbeeld te zien hoe een huishouden er onder sterk veranderde omstandigheden uit zou kunnen zien.
Het werk van Jain en Superflux was onder meer te zien in het Museum of Modern Art in New York, het Victoria and Albert Museum in Londen, het Vitra Design Museum en Tate Modern. In 2022 kreeg Jain de Britse titel Royal Designer for Industry. Ze is daarnaast sinds 2016 hoogleraar Design Investigations aan de University of Applied Arts in Wenen.
Eindhoven is voor Jain overigens geen onbekend terrein. In 2024 gaf ze al een lezing bij Design Academy Eindhoven over de verantwoordelijkheid van ontwerpers in een wereld die steeds ingewikkelder wordt.
Vragen ontwerpen in plaats van antwoorden
Die werkwijze komt ook terug in het dit jaar verschenen boek Designing Questions, dat Jain samen met Nikolas Heep en Stefan Zinell maakte. De centrale gedachte daarvan is dat ontwerpers niet altijd onmiddellijk naar oplossingen moeten zoeken. Soms is het belangrijker eerst de juiste vraag te formuleren.
In het boek worden onder meer klimaatverandering, technologische versnelling, wereldbouw en speculatief ontwerp behandeld. Het verscheen in het voorjaar van 2026 en is nauw verbonden met het onderwijsprogramma Design Investigations in Wenen.
Tijdens het eerste weekend van Dutch Design Week geeft Jain in Eindhoven een publiekslezing. Daarnaast staan besloten bijeenkomsten met ontwerpers op het programma.
Meer dan eretitel
De titel Beacon is binnen Dutch Design Week meer dan een symbolische onderscheiding. De ontwerpers die ervoor worden gevraagd, krijgen ruimte om gedurende één of meerdere edities eigen thema’s, tentoonstellingen of programma’s verder uit te bouwen.
Daarmee verschillen de Beacons van veel traditionele festivalambassadeurs. Ze hoeven DDW niet alleen te vertegenwoordigen, maar worden juist geacht zelf inhoud toe te voegen.
In eerdere jaren waren onder anderen Piet Hein Eek, Lidewij Edelkoort, Yinka Ilori, Julia Watson, Stefan Diez en Formafantasma in een vergelijkbare prominente rol aan het Eindhovense designfestival verbonden.
Van product naar systeem
De benoeming van Van der Leest en Jain maakt tegelijk zichtbaar hoe sterk de betekenis van het woord design in Eindhoven de afgelopen jaren is verbreed.
Een stoel, lamp of koffiezetapparaat kan nog steeds design zijn. Maar tijdens DDW gaat het steeds vaker eveneens over voedsel, gezondheid, klimaat, technologie, grondstoffen, sociale ongelijkheid en de manier waarop steden in de toekomst functioneren.
Dutch Design Week onderscheidt daarbij vijf grote maatschappelijke ontwerpterreinen: een vitale planeet, leefomgeving, digitale toekomst, gezondheid en welzijn en een gelijkwaardige samenleving. Het festival trekt volgens de organisatie jaarlijks meer dan 300.000 bezoekers en toont het werk van duizenden ontwerpers verspreid over meer dan honderd locaties in Eindhoven.
De twee nieuwe Beacons passen vrijwel naadloos in die ontwikkeling. De een vraagt wat er gebeurt wanneer ontwerpers niet langer alleen materialen gebruiken, maar samenwerken met levende organismen. De ander stelt de vraag welke wereld door de keuzes van vandaag uiteindelijk ontstaat.
Tijdens Dutch Design Week komen die twee uitersten in oktober in Eindhoven bij elkaar.
Dutch Design Week 2026 vindt plaats van zaterdag 17 tot en met zondag 25 oktober in Eindhoven. Het festival gebruikt dit jaar het thema R.A.W. – Rebel Authentic Worth, waarmee nadrukkelijk ruimte wordt gezocht voor experimenteel, onderzoekend en ongepolijst ontwerp.