EINDHOVEN – De brandstofprijzen in Nederland zijn de afgelopen weken flink gedaald. Na maanden van oplopende kosten aan de pomp krijgen automobilisten weer enige financiële verlichting. Ook in Eindhoven en omgeving zijn de gevolgen van de dalende olieprijzen merkbaar. Toch is tanken nog altijd aanzienlijk duurder dan vóór het uitbreken van de oorlog in het Midden-Oosten. Bovendien zijn de prijsverschillen tussen tankstations groot.
De landelijke adviesprijs voor een liter Euro95 bedraagt dinsdag 3 november 2,535 euro. Daarmee is benzine bijna 20 cent per liter goedkoper dan op 10 oktober, toen een recordprijs van 2,732 euro werd bereikt. Ook diesel is in prijs gedaald. De landelijke adviesprijs ligt inmiddels op 2,694 euro per liter, tegenover een record van 2,824 euro op 19 september.
De daling levert bij een volledige tankbeurt een merkbare besparing op. Wie 50 liter benzine tankt tegen de landelijke adviesprijs, betaalt bijna 10 euro minder dan tijdens de prijspiek in oktober. Bij diesel bedraagt het verschil ongeveer 6,50 euro.
Grote prijsverschillen bij Eindhovense tankstations
Voor automobilisten in Eindhoven is het verschil tussen de landelijke adviesprijs en de werkelijke pompprijs minstens zo belangrijk. Vooral onbemande tankstations en goedkopere pompen buiten de snelweg rekenen vaak aanzienlijk lagere tarieven.
Begin november was Euro95 bij een tankstation aan de Bayeuxlaan in Eindhoven verkrijgbaar voor ongeveer 2,17 euro per liter. Ook op andere locaties in de stad lagen de prijzen duidelijk onder de landelijke adviesprijs. Bij een tankbeurt van 50 liter kan het prijsverschil tussen tankstations daardoor oplopen tot meerdere euro's.
Voor inwoners die dagelijks met de auto naar hun werk reizen, bijvoorbeeld richting de Brainportbedrijven, bedrijventerrein De Hurk of omliggende gemeenten als Veldhoven, Best en Helmond, kunnen dergelijke verschillen op maandbasis behoorlijk aantikken.
De snelwegen rond Eindhoven, waaronder de A2, A50, A58 en A67, vormen belangrijke verbindingen voor woon-werkverkeer en transport. Tankstations langs de snelweg zijn doorgaans duurder dan pompen in woonwijken en op bedrijventerreinen. Voor automobilisten die regelmatig lange afstanden afleggen, kan het vergelijken van brandstofprijzen daarom aantrekkelijk zijn.
Nog altijd duurder dan vóór de oorlog
Ondanks de recente prijsdalingen is van een terugkeer naar het oude prijsniveau geen sprake. Eind februari, vóór het uitbreken van de oorlog in het Midden-Oosten, lag de landelijke adviesprijs voor benzine rond 2,285 euro. Diesel kostte destijds ongeveer 2,084 euro per liter.
Vergeleken met die periode is benzine nog altijd ongeveer 25 cent per liter duurder. Bij diesel bedraagt het verschil zelfs ruim 60 cent. Voor automobilisten die veel kilometers maken, blijven de brandstofkosten daardoor een belangrijke uitgavenpost.
Ook voor ondernemers die afhankelijk zijn van vervoer, zoals koeriersbedrijven, installatiebedrijven en transportondernemingen, vormen de relatief hoge dieselprijzen een kostenfactor. Een daling van enkele centen kan verlichting bieden, maar neemt de sterk gestegen vervoerskosten niet volledig weg.
Onrust in Midden-Oosten blijft bepalend
De prijsdaling hangt samen met ontwikkelingen op de internationale oliemarkt. Door de hoop op diplomatieke vooruitgang in het conflict met Iran nam de vrees voor langdurige verstoringen van de olieaanvoer tijdelijk af. Daardoor gingen de olieprijzen begin deze week stevig omlaag.
Dinsdagochtend kwam daar echter verandering in. Berichten over Amerikaanse aanvallen op het Iraanse eiland Qeshm zorgden opnieuw voor onzekerheid. De olieprijzen liepen daarop weer op.
Voor de Nederlandse automobilist betekent dit dat de huidige daling kwetsbaar blijft. Nieuwe militaire ontwikkelingen, problemen met de olievoorziening of veranderingen in de internationale vraag kunnen de prijzen opnieuw omhoogduwen.
Ook brandstofbelastingen blijven aandachtspunt
Naast de internationale olieprijs spelen Nederlandse belastingen een belangrijke rol bij de prijs aan de pomp. Een aanzienlijk deel van het bedrag dat automobilisten betalen, bestaat uit accijns en btw.
Het kabinet wil de tijdelijke accijnskorting op benzine en diesel verlengen tot eind 2027. Daarmee moet worden voorkomen dat autorijden door hogere belastingen nog duurder wordt. Het voorstel moet nog definitief worden goedgekeurd.
Voor automobilisten in Eindhoven blijft de belangrijkste conclusie voorlopig dat brandstof weliswaar goedkoper is geworden, maar dat de financiële druk niet verdwenen is. Wie de tankkosten wil beperken, kan vooral voordeel halen uit het vergelijken van lokale pompprijzen.
Of de daling van de afgelopen weken doorzet, zal grotendeels afhangen van de ontwikkelingen in het Midden-Oosten. De internationale oliemarkt blijft onzeker en daarmee ook de prijs die automobilisten de komende maanden aan de pomp betalen.