Miljarden voor onderhoud, maar verbreding Brabantse snelwegen blijft uit

20 okt , 11:13 • Economie
260210 8187 Viaduct A58
Archiefbeeld viaduct A58 over het Wilhelminakanaal
EINDHOVEN – Het kabinet trekt 18 miljard euro extra uit voor het onderhoud en de vernieuwing van de Nederlandse infrastructuur. Toch blijft de bereikbaarheid van Noord-Brabant en Zeeland de komende jaren onder druk staan. Verschillende belangrijke snelwegen worden voorlopig niet verbreed, ondanks de toenemende verkeersdrukte. Ondernemers vrezen dat het uitblijven van nieuwe investeringen uiteindelijk gevolgen heeft voor de economische ontwikkeling van beide provincies.
Met de nieuwe verdeling van het beschikbare infrastructuurbudget, die vrijdag 16 oktober bekend werd gemaakt, kiest het kabinet nadrukkelijk voor het herstellen en vervangen van bestaande wegen, bruggen, tunnels en spoorverbindingen. Het gaat om een omvangrijke onderhoudsoperatie die noodzakelijk is omdat veel Nederlandse infrastructuur inmiddels tientallen jaren oud is.
Een groot deel van het wegennet en de bijbehorende kunstwerken dateert uit de jaren vijftig, zestig en zeventig. Daardoor neemt de behoefte aan grootschalige renovaties toe. Tegelijkertijd groeit het verkeer en zijn op verschillende plaatsen extra rijstroken en nieuwe verbindingen nodig.
Vooral in Noord-Brabant botsen die twee ontwikkelingen steeds vaker. Terwijl de economische bedrijvigheid toeneemt, blijft de capaciteit van belangrijke verkeersaders achter.

A58 tussen Eindhoven en Tilburg behoudt miljoenen

Een van de belangrijkste uitkomsten van de nieuwe kabinetsplannen is dat de gereserveerde 594 miljoen euro voor de aanpak van de A58 tussen Eindhoven en Tilburg beschikbaar blijft.
De snelweg is een belangrijke verbinding voor woon-werkverkeer en goederenvervoer tussen de Brainportregio, Midden-Brabant en de westelijke delen van de provincie. Het traject staat al jarenlang bekend om zijn verkeersopstoppingen.
De plannen voor uitbreiding bestaan inmiddels meer dan tien jaar. Toch ontbreekt nog altijd een definitieve uitvoeringsdatum. Problemen rond stikstof, de beschikbaarheid van personeel en de financiering hebben de werkzaamheden herhaaldelijk vertraagd.
Het behoud van het budget betekent dan ook niet dat de verbreding binnenkort daadwerkelijk begint.

Andere snelwegen blijven voorlopig op slot

Voor verschillende andere Brabantse wegen is het vooruitzicht minder gunstig. De verbreding van de A58 tussen Tilburg en Breda en die tussen Sint-Annabosch en Galder blijft voorlopig stilliggen.
Ook de uitbreiding van de A67 tussen Leenderheide en Geldrop en de A50 tussen Ewijk en Paalgraven kan nog niet worden hervat.
Opvallend is dat de A50 bij de landelijke beoordeling van infrastructuurprojecten op de tweede plaats staat. Daarmee wordt het grote belang van deze verbinding erkend, maar er is vooralsnog geen budget beschikbaar om de werkzaamheden opnieuw op te starten.
De A67 tussen Leenderheide en Geldrop staat op plaats vijftien. Het project A2 tussen Deil en Vught eindigt op de twintigste plaats en blijft eveneens gepauzeerd.
Voor de regionale economie is dat een tegenvaller. Bedrijven zijn afhankelijk van betrouwbare verbindingen met distributiecentra, industrieterreinen en internationale handelsroutes. Langdurige files leiden tot hogere transportkosten en maken de bereikbaarheid van werklocaties minder aantrekkelijk.

Ook 81 miljoen voor N65 verdwijnt

De nieuwe verdeling heeft bovendien gevolgen voor de N65 tussen Den Bosch en Tilburg. Het Rijk trekt de eerder toegezegde 81 miljoen euro voor de reconstructie van deze weg terug.
De provincie Noord-Brabant had zelf 56 miljoen euro beschikbaar gesteld om het project mogelijk te maken. Omdat de oorspronkelijke plannen al werden gehinderd door de stikstofproblematiek, lag de uitvoering geruime tijd stil.
Door het wegvallen van de rijksbijdrage moet bij een eventuele herstart opnieuw financiering worden gevonden. Voor de kortetermijnmaatregelen op het gebied van verkeersveiligheid, leefbaarheid en doorstroming blijft het Rijk wel betrokken.

Brainport krijgt investeringspakket van 740 miljoen euro

Tegenover de uitgestelde wegenprojecten staat een belangrijke ontwikkeling voor de regio Eindhoven. Het Rijk, de provincie Noord-Brabant en de gemeente Eindhoven werken aan een mobiliteitspakket van 740 miljoen euro.
Daarvan komt 635 miljoen euro voor rekening van het Rijk. De provincie en de gemeente dragen gezamenlijk 105 miljoen euro bij.
Het geld is onder meer bestemd voor verbeteringen rond Eindhoven Centraal, het nieuwe multimodale vervoersknooppunt, de A2/N2, de A58 en de ontwikkeling van de Brainportlijn.
Het betreft grotendeels de verdere financiële uitwerking van afspraken die eerder met het Rijk en het bedrijfsleven zijn gemaakt. Het bedrag kan daardoor niet volledig als een nieuwe investeringsbelofte worden beschouwd.
Ook Helmond komt in beeld. Het kabinet heeft landelijk 355 miljoen euro gereserveerd voor de bereikbaarheid van vier grote woningbouwgebieden, waaronder een gebied in Helmond. De middelen moeten ervoor zorgen dat nieuwe woonwijken goed worden aangesloten op bestaande wegen, fietsverbindingen en openbaar vervoer.

Merwedebrug laat gevolgen achterstallig onderhoud zien

Dat achterstallig onderhoud grote gevolgen kan hebben, blijkt bij de Merwedebrug op de A27 tussen Gorinchem en Sleeuwijk.
Sinds 18 juli mogen vrachtwagens en touringcars de brug niet meer gebruiken. Onderzoek wees uit dat onderdelen van de stalen boogconstructie minder sterk zijn dan eerder werd aangenomen.
Het zware verkeer moet daardoor uitwijken naar andere snelwegen, waaronder de A15, A16, A2 en A59. Dat veroorzaakt langere routes en extra belasting van het omliggende wegennet.
Voor urgente onderdelen van het project A27 Houten–Hooipolder, waaronder de Merwedebrug, blijft een eerder gereserveerd bedrag van ongeveer één miljard euro beschikbaar.
Voor transportondernemingen is vooral van belang wanneer de problemen daadwerkelijk worden opgelost. Zolang beperkingen blijven bestaan, lopen reistijden en vervoerskosten op.

Zeeland afhankelijk van kwetsbare verbindingen

Ook Zeeland heeft belang bij een snelle aanpak van verouderde infrastructuur. De provincie beschikt over een relatief beperkt aantal belangrijke wegverbindingen. Wanneer een brug, tunnel of doorgaande route uitvalt, zijn alternatieven vaak schaars en kunnen omleidingen aanzienlijk langer duren.
Het kabinet reserveert middelen voor de vernieuwing van de Haringvlietbrug. Daarnaast blijft 115 miljoen euro beschikbaar voor de verbetering van de spoorverbinding tussen Gent en Terneuzen.
Die spoorverbinding is van economisch belang voor de havens en industriegebieden in de Kanaalzone. Een betere aansluiting op het Europese spoorwegnet kan bijdragen aan efficiënter goederenvervoer.
De bereikbaarheidsopgave in Zeeland wordt bovendien groter door investeringen in de energietransitie, industrie en defensie. Hierdoor ontstaat naar verwachting extra vraag naar transportcapaciteit en betrouwbare verbindingen.

Economische groei vraagt om meer capaciteit

Werkgeversorganisatie VNO-NCW Brabant Zeeland ziet de kabinetskeuzes als een noodzakelijke verbetering van het onderhoudsbeleid, maar vindt dat tegelijkertijd meer geld nodig blijft voor uitbreiding van het wegennet.
Voorzitter Gilbert Gooijers wijst op de toenemende druk op de infrastructuur door de groei van de Brainportregio, de logistieke sector en de Zeeuwse industrie.
De ontwikkeling van nieuwe bedrijventerreinen, woningbouwlocaties en economische activiteiten brengt meer verkeersbewegingen met zich mee. Zonder uitbreiding van bestaande verbindingen dreigen de bereikbaarheidsproblemen verder toe te nemen.
Daarbij vormen niet alleen de beschikbare budgetten een obstakel. Ook de stikstofregels, langdurige vergunningprocedures en tekorten aan technisch personeel bemoeilijken de uitvoering.

Definitieve keuzes moeten nog worden uitgewerkt

De aangekondigde prioriteiten vormen nog niet voor alle projecten een definitief uitvoeringsbesluit. Het kabinet gaat de voorstellen bespreken met de Tweede Kamer en de betrokken regio's. De financiële verwerking volgt naar verwachting bij de Voorjaarsnota van 2027.
Voor Brabant en Zeeland betekent dit dat er voorlopig veel onzekerheid blijft bestaan over de daadwerkelijke start van verschillende grote wegenprojecten.
De komende periode moet vooral duidelijk worden welke projecten daadwerkelijk kunnen worden uitgevoerd, hoeveel geld daarvoor beschikbaar is en hoe de belemmeringen rond stikstof en uitvoeringscapaciteit worden weggenomen.
Daarmee ligt de belangrijkste vraag voor de regio nog altijd open: hoe kunnen de Brabantse en Zeeuwse wegen de economische groei blijven verwerken wanneer uitbreiding jarenlang achterwege blijft?
loading

Loading