EINDHOVEN – De problemen op het elektriciteitsnet dreigen een forse rem te zetten op de woningbouw in Eindhoven. Voor bijna 11.000 geplande woningen is op dit moment geen capaciteit beschikbaar om ze op het stroomnet aan te sluiten. Daarmee wordt ongeveer 83 procent van de Eindhovense woningen geraakt die via een speciale overgangsregeling voor netcapaciteit zijn aangemeld.
De cijfers maken duidelijk hoe groot het probleem inmiddels is voor een stad die de komende jaren juist sterk moet groeien. Eindhoven wil tot 2036 ongeveer 40.000 woningen toevoegen. Een aanzienlijk deel van die bouwopgave hangt samen met de snelle economische en demografische groei van Brainport.
Het tekort aan woningen en het tekort aan ruimte op het stroomnet beginnen daardoor steeds nadrukkelijker met elkaar te botsen. Nieuwe appartementen en woonwijken kunnen planologisch en bouwtechnisch ver gevorderd zijn, maar zonder voldoende transportcapaciteit is daadwerkelijke ingebruikname niet vanzelfsprekend.
83 procent voorlopig zonder capaciteit
Voor Eindhoven zijn duizenden woningen aangemeld bij de regeling waarmee bouwprojecten die al ver in voorbereiding waren nog aanspraak konden maken op de beschikbare ruimte op het elektriciteitsnet. Uit de nieuwste inventarisatie blijkt dat voor ongeveer 83 procent daarvan momenteel geen capaciteit beschikbaar is.
Dat betekent niet automatisch dat al deze woningen definitief van de baan zijn. Projecten kunnen verder worden voorbereid en in sommige gevallen kan ook worden gebouwd. Het probleem ontstaat wanneer woningen daadwerkelijk elektriciteit nodig hebben en de noodzakelijke aansluiting niet beschikbaar is.
Daardoor bestaat het risico dat projecten worden uitgesteld, gefaseerd moeten worden uitgevoerd of pas later kunnen worden opgeleverd.
Eindhoven-West al langer probleemgebied
De problemen kwamen eerder dit jaar al nadrukkelijk aan het licht in Eindhoven-West. Daar geldt sinds juli een aansluitpauze voor nieuwe en zwaardere aansluitingen in delen van het verzorgingsgebied.
Maar inmiddels beperkt de druk zich niet meer tot alleen het westen van de stad. Ook andere delen van Eindhoven hebben te maken met schaarse transportcapaciteit. In augustus werd bovendien een nieuw knelpunt vastgesteld rond Eindhoven-Zuid.
Voor toekomstige woningbouw heeft de gemeente daarom aparte volgordelijsten opgesteld voor de congestiegebieden Eindhoven-Noord, Eindhoven-Oost en Eindhoven-West. Daarop staan projecten die aanspraak willen maken op capaciteit zodra die beschikbaar komt.
Een hoge plek op zo'n lijst betekent overigens nog niet dat een project ook daadwerkelijk stroom krijgt. Uiteindelijk bepaalt de beschikbare ruimte op het net hoeveel aansluitingen kunnen worden gerealiseerd.
Grote woningbouwprojecten afhankelijk van stroom
Dat maakt de situatie voor Eindhoven bijzonder gevoelig. De stad heeft voor de komende jaren grote woningbouwplannen, waaronder hoogbouw en gebiedsontwikkelingen in en rond het centrum, Strijp-S, Woensel, Gestel en andere delen van de stad.
Op de Eindhovense lijsten staan zowel kleine projecten van enkele woningen als ontwikkelingen met honderden appartementen. Ook scholen en andere maatschappelijke voorzieningen doen een beroep op dezelfde schaarse infrastructuur.
Daarmee is netcongestie niet langer uitsluitend een technisch probleem van netbeheerders. Het raakt rechtstreeks aan de vraag hoeveel woningen Eindhoven daadwerkelijk kan opleveren en hoe snel nieuwe stadsdelen kunnen groeien.
Twee Eindhovense netdelen aangemerkt als kritiek
De ernst van de situatie blijkt ook uit de crisisaanpak die in september voor Noord-Brabant is gestart. In de provincie zijn negen delen van het elektriciteitsnet aangewezen waar de druk zo groot is dat aanvullende maatregelen nodig zijn.
Twee daarvan liggen in Eindhoven: een netdeel rond Eindhoven-Noord en een rond Eindhoven-West.
Op piekmomenten kan de vraag naar elektriciteit daar zo hoog worden dat niet alleen nieuwe aansluitingen problematisch zijn, maar ook de betrouwbaarheid van het bestaande netwerk extra aandacht vraagt.
Daarom wordt niet alleen gewerkt aan nieuwe kabels en stations. Er wordt ook gekeken naar tijdelijke en alternatieve oplossingen waarmee de bestaande capaciteit beter kan worden benut.
Batterijen en slimmer stroomgebruik
Een van de mogelijkheden is zogenoemde netbewuste woningbouw. Daarbij wordt een woongebied zo ingericht dat de woningen gezamenlijk minder hoge elektriciteitspieken veroorzaken.
Batterijen kunnen bijvoorbeeld energie opslaan wanneer er relatief weinig vraag is en deze weer beschikbaar maken tijdens drukke uren. Ook warmtepompen, laadpalen en andere grote stroomverbruikers kunnen slimmer worden aangestuurd.
Daarnaast worden afspraken met bedrijven onderzocht om tijdens piekmomenten tijdelijk minder elektriciteit te gebruiken. Hierdoor kan capaciteit vrijkomen zonder dat eerst moet worden gewacht totdat een compleet nieuw elektriciteitsstation of kilometers nieuwe kabels gereed zijn.
Voor Eindhoven zijn dergelijke oplossingen extra belangrijk, omdat uitbreiding van het fysieke netwerk jaren kan duren.
Niet alle woningbouw ligt stil
Ondanks de grote aantallen betekent de situatie niet dat vanaf nu vrijwel nergens meer gebouwd kan worden. Projecten waarvoor de aansluiting al geregeld is, kunnen gewoon doorgaan. Ook zijn er woningen waarvoor binnen de overgangsregeling wel capaciteit beschikbaar bleek.
Daarnaast kan gedurende de komende jaren opnieuw ruimte ontstaan door uitbreidingen van het elektriciteitsnet, slimmer gebruik van bestaande infrastructuur of doordat andere gebruikers hun stroomvraag aanpassen.
De onzekerheid is echter aanzienlijk groter geworden. Waar voorheen vooral grond, vergunningen, bouwkosten en personeel bepaalden wanneer een woning kon worden gebouwd, is daar nu een nieuwe bepalende factor bijgekomen: de beschikbaarheid van elektriciteit.
Groei Brainport vergroot druk
Juist voor Eindhoven komt het probleem op een lastig moment. De regio verwacht verdere groei van de hightechindustrie en daarmee een toenemende vraag naar woningen, bedrijfsruimte, scholen, mobiliteit en andere voorzieningen.
Die groei leidt tegelijkertijd tot een grotere elektriciteitsvraag. Nieuwe bedrijven gebruiken stroom, woningen worden steeds vaker aardgasloos gebouwd, auto's worden elektrisch geladen en gebouwen krijgen warmtepompen.
Daarmee groeit het elektriciteitsverbruik sneller dan het netwerk kan worden uitgebreid.
De tegenstelling is groot: terwijl Eindhoven duizenden woningen extra nodig heeft om de economische groei van de regio mogelijk te maken, vormt juist de infrastructuur die daarvoor nodig is steeds vaker de beperkende factor.
Komende jaren blijven onzeker
Een snelle structurele oplossing is niet in zicht. Netbeheerders investeren fors in uitbreiding, maar nieuwe hoog- en middenspanningsstations kunnen niet binnen enkele maanden worden gebouwd.
Voor Eindhoven wordt de komende periode daarom vooral een combinatie van uitbreiden, prioriteren en slimmer omgaan met elektriciteit.
De bijna 11.000 woningen waarvoor nu geen ruimte beschikbaar is, zijn daarmee niet automatisch geschrapt. Wel is duidelijk dat het stroomnet inmiddels een van de grootste onzekerheden vormt voor de Eindhovense woningbouw.
Voor een stad die in tien jaar tijd tienduizenden woningen wil toevoegen, is elektriciteitscapaciteit daarmee uitgegroeid van een technische randvoorwaarde tot een bepalende factor voor de verdere groei van Eindhoven.