EINDHOVEN – Wie Eindhoven vanuit het noorden binnenrijdt, ziet ze al meer dan een kwart eeuw staan: tien metershoge gele bowlingkegels en een enorme zwarte bal aan het einde van de John F. Kennedylaan. Op dit moment is juist die bal vrijwel aan het zicht onttrokken. Een grote werktent staat eroverheen voor een stevige onderhoudsbeurt. Terwijl de verf wordt vernieuwd, speelt rond de Flying Pins ondertussen een veel grotere vraag: staan ze over enkele jaren nog wel op dezelfde plek?
De tent die sinds enkele dagen op het grasveld staat, heeft niets te maken met een aanstaande verhuizing. De bowlingbal wordt opgeknapt. De bestaande verflaag wordt verwijderd, het oppervlak wordt geschuurd en beschadigingen worden hersteld. Daarna krijgt de bal een nieuwe beschermende verflaag.
Voor het werk is ongeveer twee weken uitgetrokken. De tijdelijke overkapping maakt het mogelijk om ook bij regen en wind door te werken. De tien gele kegels blijven bij deze onderhoudsronde ongemoeid.
Het is noodzakelijk onderhoud aan een kunstwerk dat permanent buiten staat en inmiddels 26 jaar weer en wind, verkeer en vervuiling heeft doorstaan. De constructie bestaat grotendeels uit staal en vezelversterkte kunststof, afgewerkt met verschillende beschermende coatings. De afzonderlijke kegels zijn ruim zeven meter hoog. De enorme bowlingbal heeft een diameter van ongeveer 6,7 meter en lijkt voor een groot deel in de bodem te zijn verdwenen.
Eindhoven wilde iets groots voor het millennium
De geschiedenis van de Flying Pins begint enkele jaren voor hun onthulling. Eindhoven wilde rond de overgang naar het nieuwe millennium een monumentaal kunstwerk in de openbare ruimte laten realiseren. In 1998 werden de internationaal bekende kunstenaars Claes Oldenburg en Coosje van Bruggen bij het project betrokken.
Oldenburg behoorde tot de belangrijkste vertegenwoordigers van de Amerikaanse popart. Hij werd beroemd door alledaagse voorwerpen uit te vergroten tot enorme sculpturen. Samen met Van Bruggen maakte hij over de hele wereld werken waarin onder meer gereedschappen, huishoudelijke voorwerpen en gebruiksobjecten tot monumentale proporties werden opgeblazen. Flying Pins kwam terecht in die internationale reeks.
De bowlingkegels waren bovendien niet pas in Eindhoven bedacht. Er bestond al een ontwerp op papier. Tijdens bezoeken aan Eindhoven zochten Oldenburg en Van Bruggen naar een plek waar dat ontwerp betekenis zou krijgen. Uiteindelijk viel hun oog op de kop van de Kennedylaan.
Daar kwamen verschillende elementen samen. De lange, vrijwel rechte verkeersas deed denken aan een bowlingbaan. Ook het spoor en de verkeersstromen rond het station pasten bij het idee van beweging. De kunstenaars plaatsten hun denkbeeldige bowlingbal aan het einde van die baan, precies op het punt waar de lange laan overgaat in de drukte van het centrum.
Zelfs de opvallende gele kleur kwam niet uit de lucht vallen. Die sloot aan bij de gele narcissen die in het voorjaar langs de Kennedylaan bloeien. Zo werd een bestaand kunstconcept uiteindelijk sterk gekoppeld aan één specifieke Eindhovense locatie.
Gemaakt in Californië
De enorme onderdelen werden niet in Eindhoven vervaardigd. De uitvoering vond plaats bij William Kreysler and Associates in Petaluma in de Amerikaanse staat Californië, een bedrijf gespecialiseerd in grote constructies van composietmateriaal. Daarna werden de onderdelen in Eindhoven opgebouwd tot het kunstwerk zoals dat tegenwoordig bekend is.
Het project kostte omgerekend ongeveer 1,1 miljoen euro. De totstandkoming werd mogelijk gemaakt met bijdragen vanuit het bedrijfsleven, instellingen en particulieren, naast de betrokkenheid van gemeente en Van Abbemuseum. De Eindhovense ondernemer en kunstliefhebber Gerard Meulensteen speelde daarbij een belangrijke rol door zijn netwerk in te zetten om de realisatie financieel mogelijk te maken.
Op 31 mei 2000 werden de Flying Pins officieel onthuld. Het kunstwerk was verbonden aan zowel de millenniumwisseling als aan Euro 2000, het Europees kampioenschap voetbal dat die zomer mede in Nederland werd gehouden.
Van omstreden kunstwerk naar herkenningspunt
Zoals vaker gebeurt met opvallende kunst in de openbare ruimte waren de reacties aanvankelijk verdeeld. De schaal, de felgele kleur en de kosten riepen discussie op. Tegelijkertijd was dat juist een deel van de bedoeling: aan de noordelijke toegang van Eindhoven moest iets komen te staan dat onmiddellijk de aandacht trok.
Dat is gelukt. De Flying Pins groeiden in ruim een kwart eeuw uit tot een van de meest herkenbare kunstwerken van Eindhoven. Ze duiken op in stadswandelingen, toeristische informatie, fotoverzamelingen en publicaties over design en openbare kunst.
Het werk is bovendien een van de Nederlandse voorbeelden van de monumentale buitensculpturen waarmee Oldenburg en Van Bruggen internationaal bekend werden. In hetzelfde jaar waarin de Flying Pins in Eindhoven verschenen, realiseerden zij bijvoorbeeld ook een gigantische naald met draad en knoop bij station Cadorna in Milaan.
En dan komt de bus
Juist de locatie die de kunstenaars zo zorgvuldig uitkozen, staat nu onder druk.
Rond Eindhoven Centraal wordt de komende jaren de omvangrijke nieuwe OV-knoop ontwikkeld. Onderdeel daarvan is een nieuw ondergronds busstation met drie eilandperrons en 34 haltes. Ook komen er onder meer nieuwe bustunnels, een grote fietsenstalling en een nieuwe stationshal. De Eindhovense gemeenteraad stemde in februari in met het voorkeursalternatief, waarna de verdere planning- en studiefase is begonnen.
Tijdens de bouw moet het busverkeer echter doorgaan. Daarom staat in de huidige plannen een tijdelijk busstation aan de John F. Kennedylaan. Ook nadat het ondergrondse station gereed is, is een bovengrondse plek nodig waar bussen enige tijd kunnen wachten voordat zij opnieuw worden ingezet. Die zogenoemde busbuffer beslaat volgens het huidige plan ongeveer 4000 vierkante meter.
En precies daar ontstaat het probleem voor de Flying Pins.
In de voorlopige uitwerking is de Kennedylaan de locatie voor die busvoorzieningen. Wanneer dat plan daadwerkelijk op deze plek wordt uitgevoerd, kunnen zowel de Flying Pins als de bestaande bomen op het terrein daar niet blijven staan. De betrokken partijen onderzoeken daarom wat met het kunstwerk en het groen moet gebeuren.
Verhuizing nog geen uitgemaakte zaak
Dat de kegels binnenkort sowieso worden weggehaald, gaat echter een stap te ver.
De definitieve locatie van de busbuffer is nog onderwerp van studie. Ook moet de gemeenteraad later nog een definitief besluit nemen over dit onderdeel van de plannen. Daarmee is de toekomst van het kunstwerk onzeker, maar nog niet beslist.
Het verschil is belangrijk. De komst van de nieuwe OV-knoop staat inmiddels veel steviger vast dan de precieze inrichting van het terrein rond de Kennedylaan. De huidige planning gaat ervan uit dat de werkzaamheden aan de OV-knoop na 2030 beginnen en gedurende een groot deel van het volgende decennium plaatsvinden.
Er is dus nog tijd voordat graafmachines daadwerkelijk op de plek van de kegels zouden verschijnen.
Discussie gaat ook over bomen
De discussie beperkt zich inmiddels niet meer tot de kunst. Rond de Flying Pins staan volwassen bomen die eveneens geraakt kunnen worden wanneer het terrein voor bussen wordt ingericht.
Daartegen ontstond dit jaar een petitie die duizenden steunbetuigingen verzamelde. Ook voor de Flying Pins zelf circuleren inmiddels ideeën voor alternatieve locaties. Zo werd onder meer voorgesteld het kunstwerk naar het Marconiplein te verhuizen. Voor geen van die suggesties is tot nu toe een definitieve keuze gemaakt.
Verplaatsen is bovendien bij dit kunstwerk meer dan alleen het oppakken van elf grote objecten en die elders opnieuw neerzetten. Het ontwerp kreeg juist op de Kennedylaan zijn betekenis. De weg zelf vormt in de oorspronkelijke gedachte de bowlingbaan en de bal en kegels markeren het einde daarvan.
Op een ander grasveld blijven het dezelfde enorme gele kegels, maar verdwijnt een deel van het verhaal waarvoor die specifieke plek ooit werd gekozen.
Eerst krijgt de bal zijn glans terug
Voorlopig is van verhuizen nog niets te zien. Eerst wordt de zwarte bowlingbal achter het tentdoek weer in orde gebracht.
Als de werkzaamheden volgens planning verlopen, verschijnt hij binnen enkele weken opnieuw in het zicht en ligt de bal er weer strak bij alsof hij zojuist de tien gele kegels heeft geraakt.
Hoe lang dat beeld daarna nog precies op deze plek te zien blijft, is een stuk minder eenvoudig te voorspellen. De Flying Pins werden ooit neergezet om de toegang tot Eindhoven en het begin van een nieuw millennium te markeren. Ruim een kwart eeuw later kunnen juist de groei van de stad en de complete verbouwing van haar belangrijkste vervoersknooppunt bepalen of het kunstwerk opnieuw in beweging komt.
Maar vooralsnog staat de beroemdste strike van Eindhoven gewoon aan de Kennedylaan.