EINDHOVEN – Eindhoven groeit, trekt internationale bedrijven aan en ontwikkelt zich steeds nadrukkelijker als technologisch centrum van Nederland. Maar maakt dat de stad ook tot een van de aantrekkelijkste plekken om te wonen? In de nieuwe Atlas voor gemeenten 2026 eindigt Eindhoven op de 25e plaats van de vijftig grootste Nederlandse gemeenten. Daarmee behoort de Lichtstad tot de middenmoot. Binnen Brabant doet alleen ’s-Hertogenbosch het beter.
De nieuwe ranglijst, die op woensdag 4 november verscheen, brengt de aantrekkelijkheid van Nederlandse steden in kaart. Daarbij draait het om meer dan de beschikbaarheid van woningen. Ook de bereikbaarheid van werk, het culturele aanbod, veiligheid, onderwijs, natuur en de kwaliteit van de woonomgeving spelen een rol.
Voor Eindhoven levert die combinatie een positie halverwege de lijst op. De stad laat verschillende Brabantse gemeenten achter zich, maar kan voorlopig niet tippen aan de hoogst genoteerde steden in de Randstad.
Eindhoven tweede van Brabant
Binnen Noord-Brabant neemt Eindhoven de tweede positie in. De provinciehoofdstad 's-Hertogenbosch staat landelijk op plaats 18 en heeft daarmee een voorsprong van zeven plekken.
Breda volgt op nummer 31, direct gevolgd door Tilburg op plaats 32. Oss neemt de 37e positie in en Bergen op Zoom staat op nummer 40. De overige Brabantse gemeenten in de ranglijst eindigen nog lager. Helmond staat op plaats 43 en Roosendaal op nummer 44.
Opvallend is dat de economische betekenis en omvang van een stad niet automatisch leiden tot een hoge positie. Eindhoven heeft als centrum van Brainport een sterke internationale uitstraling, maar dat vertaalt zich niet rechtstreeks naar een plek in de landelijke top tien.
Wat maakt een stad aantrekkelijk?
De woonaantrekkelijkheidsindex bestaat uit achttien indicatoren, verdeeld over zeven thema's. Onderzoekers kijken onder meer naar de bereikbaarheid van banen, het aanbod aan voorzieningen, onderwijs, veiligheid, natuur, historie en de directe woonomgeving.
De berekening is gebaseerd op de waarde die mensen toekennen aan verschillende kenmerken van hun woonplaats. De aantrekkelijkheid van een stad hangt daardoor niet uitsluitend samen met de economische prestaties of het gemiddelde inkomen van inwoners.
Dat onderscheid is belangrijk. Een gemeente kan veel werkgelegenheid en voorzieningen bieden, terwijl bewoners tegelijkertijd te maken hebben met drukte, beperkte woonruimte of een tekort aan groen.
Andersom kunnen kleinere steden met een rustiger woonomgeving aantrekkelijk zijn, ook wanneer zij minder grote werkgevers of culturele instellingen binnen hun grenzen hebben.
Brainport zorgt voor kansen én woningdruk
Eindhoven heeft met zijn technologische industrie, onderwijsinstellingen en internationale bedrijvigheid sterke troeven in handen. De aanwezigheid van de Technische Universiteit Eindhoven, de High Tech Campus en het bredere Brainportnetwerk maakt de stad aantrekkelijk voor studenten, kenniswerkers en bedrijven.
Ook op cultureel gebied heeft Eindhoven veel te bieden. Strijp-S heeft zich ontwikkeld tot een belangrijk gebied voor creatieve ondernemingen, wonen en evenementen. Daarnaast zorgen onder meer de Effenaar, het Parktheater en de Dutch Design Week voor een breed cultureel aanbod.
Tegelijkertijd heeft die aantrekkingskracht een keerzijde.
De vraag naar woonruimte groeit sneller dan het woningaanbod. In het gemeentelijke woonprogramma voor 2026 tot en met 2030 wordt de beschikbaarheid van betaalbare woningen dan ook als een grote uitdaging beschouwd.
Dat beeld wordt versterkt door de Hittekaart Woningmarkt 2026. Daarin behoort Eindhoven tot de vijf gemeenten met de hoogste woningmarktdruk van Nederland. Het gaat hierbij om een andere ranglijst, die onder meer kijkt naar woningtransacties, verkoopprijzen en de verwachte groei van huishoudens.
Voor woningzoekenden kan de populariteit van de regio daardoor juist een belemmering vormen. Een aantrekkelijke arbeidsmarkt betekent immers niet dat iedereen er gemakkelijk een betaalbaar huis kan vinden.
Amsterdam bovenaan, Eindhoven buiten top tien
De landelijke ranglijst wordt opnieuw aangevoerd door Amsterdam. Amstelveen en Leiden volgen op de tweede en derde plaats. Utrecht staat vierde.
De volledige top tien ziet er als volgt uit:
- Amsterdam
- Amstelveen
- Leiden
- Utrecht
- Leidschendam-Voorburg
- Haarlem
- Delft
- Haarlemmermeer
- Hilversum
- Den Haag
De sterke vertegenwoordiging van de Randstad valt op. Steden in en rondom de grootste economische centra profiteren onder meer van een omvangrijk aanbod aan banen, onderwijs, winkels en culturele voorzieningen.
Aantrekkelijk wonen is niet hetzelfde als prettig leven
Een hoge positie op de woonaantrekkelijkheidsindex betekent niet automatisch dat inwoners ook op alle terreinen een hogere levenskwaliteit ervaren.
De Atlas maakt daarom onderscheid tussen woonaantrekkelijkheid en brede welvaart. Bij brede welvaart tellen onder meer gezondheid, financiële zekerheid, leefomgeving, sociale verbondenheid en de balans tussen werk en privé mee.
De verschillen tussen beide ranglijsten zijn aanzienlijk. Amsterdam is de aantrekkelijkste woongemeente, maar staat voor brede welvaart op plaats 42. Hengelo voert juist de ranglijst voor brede welvaart aan, gevolgd door Zwolle.
Daarmee laat het onderzoek zien dat de populariteit van een woonplaats niet noodzakelijk overeenkomt met de totale kwaliteit van leven.
De komende jaren worden bepalend
Voor Eindhoven ligt de belangrijkste uitdaging in het combineren van economische groei met een prettige en betaalbare leefomgeving.
De stad werkt aan nieuwe woningen, een veranderend centrum en de verdere ontwikkeling van verschillende stadsdelen. Tegelijkertijd vragen de groeiende bevolking en toenemende bedrijvigheid om investeringen in bereikbaarheid, groen, scholen en andere voorzieningen.
De 25e plaats is daarom geen definitief oordeel over Eindhoven als woonstad. Het is een momentopname van de positie ten opzichte van andere grote gemeenten.
De komende jaren zal vooral blijken of Eindhoven erin slaagt de groei van Brainport te vertalen naar woonkwaliteit voor bestaande én nieuwe inwoners. Want een stad die steeds aantrekkelijker wordt om in te werken, moet ook aantrekkelijk en toegankelijk blijven om in te wonen.