EINDHOVEN – Op haar negentiende is Flora Wang al Nederlands kampioene, fulltime badmintonster en international. De Eindhovense traint vrijwel dagelijks op Papendal en probeert de aansluiting te vinden bij de Europese top. Deze week staat ze op de Dutch Open in Den Bosch. Achter de sportieve opmars gaat ook een ander verhaal schuil. Wang kreeg binnen haar sport te maken met vooroordelen en discriminerende opmerkingen en is daarom een van de gezichten van de landelijke campagne #MijnPlek.
De Yonex Dutch Open vormt deze week een belangrijk meetmoment voor Wang. Tijdens het internationale toernooi in de Maaspoort nemen spelers uit binnen- en buitenland het tegen elkaar op. De 77e editie begon woensdag met de kwalificaties en duurt tot en met zondag 4 oktober.
Wang moest zich eerst door het kwalificatietoernooi zien te werken. Dat lukte. Ze versloeg de Belgische Tammi van Wonthergem in twee games, met 21-13 en 21-11, en verzekerde zich daarmee van een plaats in het hoofdtoernooi.
Voor de Eindhovense is deelname aan internationale toernooien een belangrijk onderdeel van haar poging om verder omhoog te komen. In Nederland staat ze inmiddels aan de top, maar haar ambities reiken verder.
Badminton zat al in de familie
De keuze voor badminton kwam niet uit de lucht vallen. Haar ouders speelden de sport al toen zij nog in China woonden. Ook haar oudere broer ging in Nederland badmintonnen. Wang bracht als jong meisje veel tijd langs de baan door voordat ze zelf oud genoeg was om serieus te beginnen.
Ze bleek talent te hebben. Op jonge leeftijd behaalde ze al nationale successen en in 2019 won ze een Nederlandse jeugdtitel. Haar ontwikkeling werd ook in Eindhoven opgemerkt. Tijdens de Eindhoven SportAwards over 2022 werd ze uitgeroepen tot Talent van het Jaar.
De volgende grote stap volgde in 2023. Op zestienjarige leeftijd werd Wang opgenomen in de S-1-selectie op Papendal. Voor haar sport verliet ze Eindhoven en ging ze een leven leiden dat grotendeels in het teken kwam te staan van trainen, wedstrijden spelen en herstellen.
Inmiddels traint ze twee keer per dag. De weekenden worden veelal gevuld met competitie en toernooien. Nadat ze afgelopen schooljaar haar diploma behaalde, koos ze ervoor een jaar volledig op badminton in te zetten. Een studie is daarmee niet van de baan, maar moet voorlopig passen rond de eisen van de topsport.
Eerste Nederlandse titel bij de senioren
Het harde werken leverde begin dit jaar haar grootste nationale succes tot nu toe op. Tijdens de Nederlandse kampioenschappen in Almere bereikte Wang de finale van het vrouwenenkelspel.
Daarin trof ze haar DKC-clubgenote Jaymie Laurens. Wang won met 21-9 en 21-16 en veroverde daarmee haar eerste Nederlandse seniorentitel in het enkelspel. In de halve finale had ze titelverdedigster Novi Wieland na drie games uitgeschakeld.
Ook in het seizoen 2026-2027 komt Wang in de Nederlandse eredivisie uit voor DKC uit Den Haag.
De nationale titel maakt duidelijk hoe snel haar ontwikkeling is gegaan. Tegelijkertijd is Nederlands kampioen worden in badminton financieel iets heel anders dan de top bereiken in grote commerciële sporten.
Topsport zonder groot salaris
Achter de prestaties gaat een bestaan schuil waarin veel tijd en geld in de sport wordt geïnvesteerd. Internationale toernooien brengen reis-, verblijf- en andere kosten met zich mee, terwijl daar voor Nederlandse badmintonners lang niet altijd grote inkomsten tegenover staan.
Voor Wang draait de keuze voor een fulltime bestaan als badmintonster daarom vooral om sportieve ontwikkeling. Ze wil de komende periode ontdekken waar haar plafond ligt en proberen dichter bij de Europese top te komen. Juist internationaal presteren kan nieuwe deuren openen, zowel sportief als financieel.
Het contrast is opvallend. Wang behoort op haar negentiende tot de beste speelsters van Nederland, maar van alleen haar nationale status kan ze geen royaal topsportbestaan opbouwen.
Niet alleen beoordeeld op haar badminton
Naast haar prestaties op de baan kreeg Wang de afgelopen periode ook een andere publieke rol. Ze is een van vijf jonge vrouwen die centraal staan in de landelijke campagne #MijnPlek van vrouwenrechtenorganisatie Femmes for Freedom.
De campagne richt zich op jonge vrouwen met een biculturele achtergrond en op obstakels die zij binnen de sport kunnen ervaren. Behalve Wang vertellen ook Sabrine Ellouzi, Didem Ertana, Sheray Smith en Ulyssa Smeins hun verhaal.
Bij Wang gaat het onder meer om ervaringen waarbij haar Chinese achtergrond ineens belangrijker leek te worden dan wat er op de badmintonbaan gebeurde.
Zo kreeg ze te maken met discriminerende reacties nadat haar vader haar tijdens een wedstrijd in het Chinees coachte. Ze merkte daarnaast dat sporters met een andere achtergrond naar haar ervaring soms sneller worden verdacht van onsportief gedrag of valsspelen.
Voor Wang betekent dat dat een sportieve discussie soms een tweede laag krijgt. Waar een speelster normaal gesproken alleen hoeft na te denken over een beslissing van een scheidsrechter, een tegenstander of haar eigen optreden, kan ook de vraag ontstaan of afkomst of uiterlijk een rol speelt bij de manier waarop iemand wordt benaderd.
Ze probeert dergelijke ervaringen niet bepalend te laten worden voor haar sportloopbaan en zoekt steun bij mensen in haar omgeving.
Waarom meisjes afhaken
Met #MijnPlek wil Femmes for Freedom het onderwerp breder trekken dan de ervaringen van individuele topsporters. De organisatie wijst erop dat voor jonge vrouwen verschillende drempels kunnen bepalen of zij blijven sporten.
Het kan gaan om geld of bereikbaarheid, maar ook om verwachtingen vanuit huis, kleding, sociale veiligheid, gebrek aan herkenbare rolmodellen en de vraag of iemand zich werkelijk welkom voelt binnen een vereniging.
Daarmee ligt de verantwoordelijkheid niet uitsluitend bij het meisje dat moet proberen vol te houden. Ook trainers, clubs en sportorganisaties kunnen invloed uitoefenen op de cultuur waarin jonge sporters terechtkomen. Femmes for Freedom en SportUtrecht zetten met de campagne daarom ook in op bewustwording binnen de sportomgeving.
Twee kanten van hetzelfde verhaal
Bij Wang komen die twee werelden deze week opvallend dicht bij elkaar.
Aan de ene kant staat de Nederlandse kampioene die in Den Bosch probeert internationale tegenstanders te verslaan en rankingpunten en ervaring te verzamelen. Aan de andere kant staat een negentienjarige sporter die weet dat prestaties niet automatisch betekenen dat vooroordelen verdwijnen.
De komende dagen ligt de nadruk vooral weer op haar racket. Na haar succesvolle kwalificatiewedstrijd staat ze in het hoofdtoernooi van de Dutch Open, dat donderdag is begonnen. De kwart- en halve finales worden zaterdag gespeeld; zondag staan de finales op het programma.
Voor Wang is het opnieuw een volgende stap in een loopbaan die nog maar net op gang is gekomen. De Nederlandse titel is binnen. Nu wacht de veel grotere uitdaging: ontdekken hoe ver ze internationaal kan komen.
Lees ook: