EINDHOVEN – Eindhoven heeft zich drie dagen lang gepresenteerd als cultureel middelpunt van Nederland. Naar schatting 100.000 bezoekers kwamen afgelopen weekend af op DE OPENING, de landelijke aftrap van het culturele seizoen. Daarmee trok de tweede editie in de nieuwe reizende vorm aanzienlijk meer publiek dan vorig jaar in Apeldoorn.
Van vrijdag tot en met zondag waren verspreid over Eindhoven voorstellingen, concerten, workshops, tentoonstellingen en andere culturele activiteiten te bezoeken. Alleen al in de gaststad ging het om ongeveer 150 programmaonderdelen op zo'n veertig locaties. Samen met activiteiten elders in Nederland kwam het landelijke programma boven de tweehonderd uit.
Het Stadhuisplein vormde gedurende het weekend een van de belangrijkste trekpleisters. Daar werd vrijdagavond het culturele seizoen 2026/2027 officieel geopend. Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap Rianne Letschert verrichtte de opening samen met commissaris van de Koning Ina Adema, burgemeester Jeroen Dijsselbloem en Jacques Kuyf van Stichting DE OPENING. Letschert is sinds februari minister van OCW in het kabinet-Jetten.
Muziek, dans en theater midden in de stad
Tijdens de openingsavond stond een breed gezelschap van Nederlandse artiesten en makers op het podium. Onder anderen Fresku, Karin Bloemen, Zoë Livay, Iris Penning en Joël Borelli traden op. Ook dans, spoken word en klassieke muziek maakten deel uit van de programmering. Philzuid vormde onder leiding van dirigent Duncan Ward een belangrijk muzikaal onderdeel van de avond.
Een dag later werd het Stadhuisplein het decor van een opvallend experiment. Professionals en amateurmusici kwamen daar zonder gezamenlijke repetitie bij elkaar voor Philmob XXL. Uiteindelijk speelden 414 muzikanten gezamenlijk.
De organisatie spreekt van een geslaagde poging om het grootste spontane concert van Nederland te vormen. Van een officieel door een onafhankelijke recordorganisatie vastgesteld Nederlands record is echter geen sprake; regionaal wordt de gebeurtenis dan ook als een onofficiële recordpoging omschreven.
Volle zalen en uitverkochte workshops
Niet alleen op de buitenpodia was het druk. Verschillende culturele instellingen zagen gedurende het weekend grote aantallen bezoekers binnenkomen. Bij Muziekgebouw Eindhoven waren workshops volgeboekt en ook het Parktheater meldde veel belangstelling voor het programma en de activiteiten rondom het theater.
Musea probeerden bezoekers bovendien te verleiden meerdere instellingen op één dag of tijdens hetzelfde weekend te ontdekken. Wie bij een van de deelnemende Eindhovense musea een kaartje kocht, kon met een speciaal polsbandje ook andere deelnemende musea bezoeken. Onder meer het Van Abbemuseum, Philips Museum, DAF Museum, Museumpark VONK, MU Hybrid Art House en Next Nature Museum deden aan die actie mee.
Zondag verschoof de aandacht opnieuw naar het Stadhuisplein. Daar werd het weekend afgesloten met Musical Awards: The Kick-Off. Meer dan zeventig musicalartiesten werkten mee aan het programma, waarin ruim vijftien producties vooruitblikten op het nieuwe theaterseizoen. De show werd rechtstreeks op NPO 1 uitgezonden.
Bezoekersaantal blijft een schatting
Het genoemde aantal van ongeveer 100.000 bezoekers moet niet worden gelezen als een exact aantal afzonderlijke personen. Omdat een groot deel van het programma vrij toegankelijk was, waren er geen toegangspoortjes waarmee iedere bezoeker kon worden geregistreerd.
De raming is onder meer gebaseerd op camerabeelden, bezoekersstromen op pleinen en de drukte bij deelnemende instellingen. Bovendien vond tegelijkertijd het muziekfestival Hit The City plaats. Bezoekers konden beide evenementen combineren, waardoor het niet altijd mogelijk is om mensen uitsluitend aan DE OPENING toe te rekenen.
Het cijfer zegt daarmee vooral iets over de omvang van de bezoekersstromen gedurende het weekend en niet noodzakelijk over 100.000 unieke mensen.
Ruim meer publiek dan in Apeldoorn
Vergeleken met de eerste reizende editie van DE OPENING is sprake van duidelijke groei. Apeldoorn trok vorig jaar ruim 75.000 bezoekers. Voor Eindhoven wordt nu circa 100.000 genoemd, een verschil van ongeveer 25.000 bezoekers.
DE OPENING is de opvolger van de Uitmarkt, die tientallen jaren vrijwel onlosmakelijk met Amsterdam was verbonden. Na een wijziging van het concept werd besloten de landelijke start van het culturele seizoen ieder jaar naar een andere gaststad te brengen. Apeldoorn beet in 2025 het spits af, waarna Eindhoven dit jaar het stokje overnam.
Nieuw dit jaar was dat ook andere steden zich bij het openingsweekend aansloten. Onder meer Helmond, Geldrop, Tilburg, Breda, Bergen op Zoom, Den Bosch, Venlo en Apeldoorn organiseerden activiteiten. In totaal deden twaalf steden buiten Eindhoven mee. Daarmee kreeg DE OPENING voor het eerst nadrukkelijker het karakter van een landelijk cultureel weekend in plaats van uitsluitend een groot evenement in één gaststad.
Eindhoven investeerde vier ton
Aan het gastheerschap hing voor Eindhoven ook een prijskaartje. Uit gemeentelijke stukken blijkt dat de totale kosten van het landelijke evenement vooraf op ongeveer 1,5 miljoen euro werden geraamd. Van de gaststad werd een bijdrage van 400.000 euro gevraagd. Eindhoven nam daarvoor incidenteel vier ton op in de begroting van 2026.
Die gemeentelijke bijdrage was bedoeld voor de samenwerking met de landelijke organisatie, de landelijke campagne en de programmering van het hoofdpodium. Kosten die Eindhoven zelf maakte voor bijvoorbeeld vergunningen en maatregelen rond publieksstromen vielen daar niet onder en moesten uit bestaande gemeentelijke budgetten worden betaald.
Het stadsbestuur zag het evenement vooraf nadrukkelijk als een mogelijkheid om Eindhoven ook buiten zijn bekende profiel van technologie, innovatie en design cultureel op de kaart te zetten. De landelijke media-aandacht en het grote aantal bezoekers vormden daarbij belangrijke argumenten om gaststad te worden.
Gaststad verhuist in 2027
Dat DE OPENING volgend jaar opnieuw in Eindhoven wordt gehouden, ligt niet voor de hand. Het uitgangspunt van de organisatie is juist dat de landelijke gaststad jaarlijks wisselt. Welke stad in 2027 het centrale podium krijgt, is op dit moment nog niet bekendgemaakt.
Eindhoven kan wel aangesloten blijven bij het landelijke programma. Volgens de organisatie wordt in oktober met de gemeente bekeken of de stad volgend jaar opnieuw meedoet, maar dan niet als officiële gaststad.
Met circa 100.000 bezoekers heeft Eindhoven in ieder geval een opvallend visitekaartje afgegeven. Of het weekend ook op langere termijn extra bezoekers naar de culturele instellingen trekt, zal pas later blijken. Juist dat wordt interessant: het succes van een landelijke culturele opening is uiteindelijk niet alleen af te meten aan volle pleinen gedurende drie zomerdagen, maar ook aan de vraag hoeveel nieuwe bezoekers daarna daadwerkelijk de weg naar theater, museum, concertzaal of podium blijven vinden.