ASML trekt 100 miljoen euro uit voor Rijksmuseum Eindhoven, maar financiering nog niet rond

30 okt , 19:04 • Cultuur
vlnr Frank Heemskerk Taco Dibbits Jeroen Dijsselbloem
vlnr Frank Heemskerk, Taco Dibbits, Jeroen Dijsselbloem
EINDHOVEN – De komst van het Rijksmuseum naar Eindhoven krijgt een stevige financiële impuls. Technologiebedrijf ASML is van plan om verspreid over twintig jaar in totaal 100 miljoen euro beschikbaar te stellen voor het toekomstige museum. Daarmee krijgt de stad meer zekerheid over de exploitatie van de nieuwe culturele voorziening. Toch zijn nog niet alle financiële en praktische vraagstukken opgelost.
ASML wil vanaf de opening jaarlijks vijf miljoen euro bijdragen aan de kosten van het museum. Het gaat om een langdurige samenwerking die naar verwachting ergens tussen 2032 en 2034 van start gaat, wanneer de nieuwe vestiging aan de Dommel haar deuren opent. De afspraken zijn voorlopig vastgelegd in een intentieovereenkomst met de gemeente Eindhoven.
De bijdrage is vooral bedoeld om het museum na de opening draaiende te houden. Voor de bouw en de voorbereiding zijn afzonderlijke investeringen nodig. In 2027 moeten de financiële afspraken worden omgezet in een definitief sponsorcontract.

Miljoenenbijdrage dekt aanzienlijk deel van exploitatie

De jaarlijkse kosten voor het exploiteren van het Rijksmuseum Eindhoven werden eerder geraamd op ongeveer 11 tot 12 miljoen euro. Met vijf miljoen euro per jaar zou ASML daarmee ruim veertig procent van die kosten voor zijn rekening nemen.
De overige financiering moet uit andere inkomsten en bijdragen komen. De gemeente zoekt daarom aanvullende partners die zich aan het museum willen verbinden. ASML zal daarbij ook zijn zakelijke netwerk inzetten.
Voor de bouw werd eerder een bedrag van ongeveer 80 miljoen euro genoemd. Dat is een afzonderlijke kostenpost die niet uit de aangekondigde jaarlijkse bijdrage van ASML wordt betaald. Hoe de uiteindelijke bouwkosten worden gefinancierd, moet de komende jaren verder duidelijk worden.

Nieuwe culturele bestemming aan de Dommel

Het museum moet verrijzen in een nieuw park aan de Dommel, vlak bij de John F. Kennedylaan en op loopafstand van Eindhoven Centraal. De exacte positie van het gebouw is nog niet definitief vastgesteld.
De nieuwe vestiging krijgt naar verwachting een oppervlakte van ruim 3.500 vierkante meter. Daarmee wordt het aanzienlijk kleiner dan het Rijksmuseum in Amsterdam, maar groot genoeg voor tentoonstellingen met werken uit de nationale kunstcollectie.
Welke kunstwerken daadwerkelijk naar Eindhoven komen, staat nog niet vast. Wel is de bedoeling dat de programmering aansluit bij het karakter van de stad. Eindhoven heeft zich internationaal ontwikkeld als centrum voor technologie, design en innovatie. Die achtergrond moet herkenbaar worden in de manier waarop kunst en geschiedenis worden gepresenteerd.
Het Rijksmuseum beheert meer dan een miljoen objecten. Een groot deel daarvan bevindt zich in depots. Met een tweede locatie ontstaat ruimte om een groter deel van die verzameling toegankelijk te maken voor publiek.

Jaarlijks tot 200.000 bezoekers als ambitie

De plannen reiken verder dan alleen een nieuw museumgebouw. Eindhoven wil met de vestiging ook zijn positie als culturele bestemming in Zuid-Nederland versterken.
De ambitie is om jaarlijks tussen de 150.000 en 200.000 bezoekers te ontvangen. Daarmee kan het museum een nieuwe publiekstrekker worden voor het centrum en de omliggende regio. Ook voor de horeca, detailhandel en toeristische sector biedt een dergelijke bezoekersstroom mogelijk kansen.
Tegelijkertijd moet het museum een laagdrempelige voorziening worden voor inwoners van Eindhoven en de Brainportregio. Naast reguliere tentoonstellingen wordt gedacht aan activiteiten voor scholen, studenten, gezinnen en andere publieksgroepen.
De komst van het Rijksmuseum betekent bovendien een uitbreiding van het bestaande culturele aanbod, waarin onder meer het Van Abbemuseum en verschillende ontwerp- en kunstinstellingen een belangrijke rol spelen.

Ook vóór de opening betrokkenheid ASML

De financiële steun van ASML begint niet pas wanneer de eerste bezoekers binnenlopen. Tijdens de ontwikkelingsfase wil het bedrijf eveneens bijdragen, zowel financieel als door medewerkers en specialistische kennis beschikbaar te stellen.
Hoe omvangrijk die ondersteuning wordt, moet in 2027 worden uitgewerkt. In datzelfde jaar willen de gemeente Eindhoven en het Rijksmuseum hun onderlinge samenwerking verder vastleggen.
Daarna volgen nog belangrijke besluiten over de inrichting van het gebied, het ontwerp van het gebouw, de architect en de uiteindelijke uitvoering van het project. Ook de gemeenteraad krijgt daarbij een rol.

Cultuur moet meegroeien met Brainport

De miljoenenbijdrage past in een bredere ontwikkeling waarin grote ondernemingen zich niet uitsluitend richten op de economische groei van Eindhoven, maar ook op de leefbaarheid van de regio.
De sterke uitbreiding van de Brainportregio zorgt voor een toenemende behoefte aan woningen, infrastructuur, onderwijs en culturele voorzieningen. Een internationaal bekend museum kan bijdragen aan de aantrekkelijkheid van Eindhoven als woon- en werkstad, zowel voor bestaande inwoners als voor internationale werknemers en hun gezinnen.
Met ASML als langdurige financiële partner heeft het museumproject een belangrijke stap gezet. Maar voordat de eerste kunstwerken aan de Dommel kunnen worden tentoongesteld, moeten de verdere financiering, het ontwerp en de definitieve afspraken nog hun beslag krijgen.
De komende jaren worden daarmee bepalend voor de vraag hoe snel Eindhoven zijn ambitie van een eigen Rijksmuseum daadwerkelijk kan realiseren.
loading

Loading