EINDHOVEN – Een bank, een tafel en andere spullen die normaal gesproken in een woonkamer staan, maar dan midden in de Eindhovense binnenstad en zonder dak erboven. Op het Catharinaplein wordt donderdag 8 oktober aandacht gevraagd voor een probleem dat zich voor een groot deel buiten het zicht van het winkelend publiek afspeelt: dak- en thuisloosheid.
De actie maakt deel uit van de landelijke campagne Alles begint met een thuis. Van 5 tot en met 10 oktober voeren organisaties in verschillende Nederlandse steden actie onder het motto Niet wachten maar wonen. In Eindhoven werken Neos, Ervaring die Staat en Straatzaken daarvoor samen.
Met de Huiskamer zonder Dak wordt geprobeerd het beeld van dakloosheid te verbreden. Wie aan een dakloos persoon denkt, ziet al snel iemand die buiten slaapt. De werkelijkheid in Eindhoven en de omliggende gemeenten is veel omvangrijker. Mensen verblijven noodgedwongen bij familie of vrienden, slapen in een auto, wonen tijdelijk op een camping of vakantiepark of verblijven langer dan noodzakelijk in een instelling omdat geschikte woonruimte ontbreekt.
Ruim 1.500 mensen in Eindhoven
Dat beeld werd vorig jaar duidelijker door de eerste grootschalige ETHOS-telling in de regio Eindhoven. Bij die telling werkten 84 organisaties mee. In de vijftien regiogemeenten werden in totaal 2.441 dak- en thuisloze mensen geregistreerd, onder wie 320 kinderen.
Een groot deel van hen verbleef in Eindhoven. Binnen de gemeente werden 1.419 volwassenen en 166 kinderen geteld. Daarmee kwam het totaal voor Eindhoven uit op 1.585 mensen zonder volwaardige en stabiele huisvesting.
De cijfers laten ook zien dat dakloosheid groepen treft die lang niet altijd met het traditionele beeld van dakloosheid worden geassocieerd. In de regio was 29 procent van de getelde personen vrouw en 19 procent van de volwassen groep tussen de 18 en 27 jaar.
Ook de verblijfplaatsen vallen op. Regionaal verbleven honderden mensen bij familie, vrienden of anderen. Een eveneens grote groep woonde in omstandigheden die niet als reguliere woonruimte zijn bedoeld, zoals auto's, stacaravans en andere tijdelijke plekken. Slechts een deel van de totale groep verbleef daadwerkelijk in de openbare ruimte.
Probleem verschuift van zorg naar wonen
Juist daar ligt de boodschap van de campagne. Dakloosheid wordt steeds minder uitsluitend benaderd als een zorgprobleem en steeds nadrukkelijker als een woonprobleem. Zonder woning blijft het immers moeilijk om problemen rond werk, inkomen, gezondheid of schulden structureel op te lossen.
Die benadering sluit aan bij het beleid dat Eindhoven en veertien omliggende gemeenten al hebben vastgelegd. In het regionale Actieplan Dakloosheid 2024-2030 moet de nadruk verschuiven van opvang naar preventie en zelfstandig wonen met ondersteuning waar dat nodig is.
Een belangrijk onderdeel daarvan is Wonen Eerst. Daarbij hoeft iemand niet eerst verschillende opvang- en hulpverleningstrajecten te doorlopen voordat een zelfstandige woning in beeld komt. Een stabiele woonplek vormt juist het beginpunt van verdere begeleiding.
In Eindhoven wordt die werkwijze al toegepast via Housing First. Mensen met vaak langdurige en ingewikkelde problemen krijgen daarbij eerst woonruimte en worden vervolgens vanuit hun nieuwe woonsituatie begeleid.
Woningtekort maakt opgave ingewikkeld
Daarmee is het probleem echter niet automatisch opgelost. De aanpak van dakloosheid raakt in Eindhoven rechtstreeks aan de veel bredere druk op de woningmarkt. Sociale huurwoningen en andere betaalbare woonruimte zijn schaars, terwijl ook studenten, starters, arbeidsmigranten, gezinnen en mensen die uit zorginstellingen komen woonruimte zoeken.
De gemeente heeft voor de komende jaren omvangrijke woningbouwplannen. In het herziene woonprogramma voor 2026-2030 is vastgelegd dat tussen 2025 en 2030 ruim 23.500 woningen moeten worden opgeleverd of in aanbouw moeten zijn. Daarnaast gaat het om minimaal 1.710 onzelfstandige studentenwoningen.
Meer bouwen is echter een oplossing voor de langere termijn. Mensen die nu zonder stabiele woonplek zitten, hebben daar niet automatisch direct iets aan. De landelijke campagne richt zich daarom ook op het beter benutten van bestaande woningen, het voorkomen van huisuitzettingen en het sneller beschikbaar krijgen van woonruimte voor mensen die dakloos zijn.
Eindhoven staat voor grotere groep dan zichtbaar is
Voor Eindhoven zit de betekenis van de campagne vooral in het zichtbaar maken van een groep die voor een belangrijk deel verborgen blijft. Iemand die iedere nacht bij een andere vriend slaapt, een gezin dat noodgedwongen in een vakantieverblijf woont of een jongere zonder eigen adres is in het straatbeeld nauwelijks herkenbaar als dakloos.
De ETHOS-telling heeft die verborgen groep voor het eerst veel uitgebreider in kaart gebracht. Daarmee is ook de omvang van de Eindhovense opgave concreter geworden.
De Huiskamer zonder Dak op het Catharinaplein brengt die cijfers donderdag letterlijk naar het centrum van de stad. Tussen winkels, terrassen en woningen wordt zichtbaar wat er ontbreekt zodra een woonkamer geen vaste plek en geen dak meer heeft.
De actie duurt van 10.00 tot 17.00 uur en is vrij toegankelijk.
Landelijke week eindigt met woonprotest
De activiteiten in Eindhoven maken deel uit van een bredere actieweek die op maandag 5 oktober begint. In meerdere Nederlandse steden worden huiskamers, wachtkamers, tentoonstellingen en andere acties georganiseerd.
De week eindigt zaterdag 10 oktober, Wereld Dakloze Mensen Dag, met een landelijk woonprotest in Amsterdam. De campagne wil daarnaast politieke aandacht voor de aanpak van dakloosheid richting het Kamerdebat dat voor november gepland staat.
Voor Eindhoven is de boodschap ondertussen dichter bij huis dan de landelijke campagne misschien doet vermoeden. Achter de cijfers van de woningnood bevindt zich een groep van honderden volwassenen, jongeren en kinderen voor wie het ontbreken van een eigen woning geen toekomstig risico is, maar dagelijkse werkelijkheid.